direct naar inhoud van Artikel 6 Water
Plan: Buitengebied, Lingemeer 2
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0214.BUIBP20120012-on01

Artikel 6 Water

6.1 Bestemmingsomschrijving

De voor “Water” aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. het ontgronden of het afgraven van de gronden met elektrisch aangedreven apparatuur en het opslaan van zand onder water, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding “specifieke vorm van bedrijf - ontgronding”;
  • b. waterpartijen en watergangen;
  • c. water ten behoeve van de waterhuishouding alsmede infiltratie;
  • d. taluds en natuurvriendelijke oevers;
  • e. voorzieningen, zoals kunstwerken en andere waterstaatwerken ten behoeve van de waterafvoer en waterberging;
  • f. natuur;
  • g. extensief dagrecreatief medegebruik.
6.2 Bouwregels
6.2.1 Toegestane bebouwing

Op gronden met de bestemming “Water” mogen uitsluitend worden gebouwd:

  • a. overkluizingen ter verbinding van de aangrenzende gronden;
  • b. bruggen, duikers, stuwen en overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de bestemming;
  • c. aanlegsteigers.
6.2.2 Bouwwerken

Voor het bouwen van de in artikel 6.2.1 genoemde bouwwerken gelden de volgende bepalingen:

  • a. de bouwhoogte van de in artikel 6.2.1 onder a en b genoemde bouwwerken mag niet meer bedragen dan 2 m;
  • b. de bouwhoogte van de in artikel 6.2.1 onder c genoemde aanlegsteigers mag niet meer bedragen dan 2 m en de oppervlakte niet meer dan 10 m2.
6.3 Specifieke gebruiksregels

De gronden ter plaatse van de aanduiding “specifieke vorm van bedrijf - ontgronding” mogen niet eerder in gebruik genomen voor het ontgronden van de gronden en het opslaan van zand onder water, dan nadat de volgende maatregelen uitgevoerd zijn;

  • a. de landschappelijke inpassing van de scheidingsinstallatie middels de aanleg van een grondwal;
  • b. de landschappelijke inpassing langs de achterzijde van de woningen aan de Ommerenveldseweg en de Bloembosweg middels de aanleg van een geluidsafschermende grondwal met een hoogte van 3 m.
6.4 Wijzigingsbevoegdheid

Hogere bouwhoogte bouwwerken

Burgemeester en Wethouders kunnen het plan wijzigen voor het wijzigen van de bouwhoogte van de in artikel 6.2.1 onder a en b genoemde bouwwerken, indien en voor zover:

  • a. de bouwhoogte maximaal 4 m mag bedragen;
  • b. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de landschapswaarden.